Top-5 troubleshooting

‘Voor elk probleem is een oplossing’

De experts van de twee competence centers van PI Nederland worden regelmatig ingeschakeld om ondersteuning te bieden bij problemen op het gebied van PROFIBUS en PROFINET. In deze uitgave geeft Dennis van Booma, algemeen directeur van PROCENTEC, zijn Top-5 troubleshooting.

1. AFSLUITWEERSTANDEN
De uiteinden van PROFIBUS kabels zijn voorzien van afsluitweerstanden. Op het moment dat er een koppelcomponent tussen gezet wordt en de kabel dus een of meerdere keren wordt opgeknipt, moet elk uiteinde, elk los eind, weer afgesloten worden met een afsluitweerstand. In de praktijk blijkt dat het hier vaak fout gaat. Met afstand is dit het meest voorkomende en misschien wel het meest eenvoudig op te lossen probleem. Toch zijn verkeerd of niet aangesloten afsluitweerstanden verantwoordelijk voor de meeste storingen.

2. SPANNINGSKABELS
Een ander veelvoorkomend probleem is een fysieke kwestie. Vaak worden PROFIBUS kabels namelijk aangesloten in de directe nabijheid van spanningskabels. De magnetische velden die die spanningskabels omringen, dringen vervolgens de PROFIBUS kabels binnen en verstoren de signalen. Dat dit negatieve gevolgen heeft voor de datacommunicatie spreekt voor zich. Het is dus verstandig om de aangegeven afstanden in acht te nemen.

3. SPELREGELS
Net zoals in het verkeer, is ook het werken met PROFIBUS gebonden aan regels. Wie zich niet houdt aan de standaard bekabelingsregels, kan wel eens voor problemen komen te staan. Deze regels hebben betrekking op aspecten die op het oog triviaal zijn, maar wel van doorslaggevend belang zijn voor de werking van een apparaat. Denk aan opgegeven kabellengtes, de mate waarin deze opgerold kunnen worden en hoeveel afstand er moet zitten tot bijvoorbeeld spanningskabels. PROFIBUS maakt highspeed datacommunicatie mogelijk, mits de regels worden nageleefd.

4. CONFIGURATIE
Tachtig procent van de problemen met PROFIBUS komt voort uit bekabelingsfouten. Maar ook software matige problemen zijn een veel voorkomend verschijnsel, zoals configuratie fouten. Een PROFIBUS apparaat moet geprogrammeerd worden in een control system. Tijdens dit proces schieten informatie-eenheden heen en weer. Als er dan iets misgaat, wat niet direct als een configuratieprobleem wordt herkend en opgelost, ga je daar als gebruiker last van krijgen op het moment dat apparaten in een later stadium uitgewisseld worden. Qua uiterlijk zijn de apparaten gelijk, maar de software is anders en daarom niet meer compatibel.

5. SLECHTE APPARATEN
Het laatste PROFIBUS probleem heeft betrekking op (intern) beschadigde en niet-gecertificeerde apparaten. Het risico hiervan is dat er kortsluiting kan ontstaan. Alle PROFIBUS apparaten zijn aangesloten op dezelfde kabel. Op het moment dat er in elektrisch opzicht iets misgaat, raken alle data beschadigd. Om dergelijke mankementen te herkennen, zijn tal van meetgereedschappen op de markt. Daarnaast zijn hiervoor diverse trainingen te volgen.

CONCLUSIE
Het mag duidelijk zijn dat kennis en onderhoud van cruciaal belang zijn bij het werken met de PROFIBUS technologie. Het laatste woord is aan Dennis van Booma: ‘Investeren in opleidingen en trainingen is essentieel. Steeds meer bedrijven zijn zich hiervan bewust. Zo zijn er momenteel subsidiemogelijkheden om dergelijke opleidingen te volgen en kunnen ook steeds meer kleinere bedrijven investeren in PROFIBUS kennis. Daarmee zijn we zeker op de goede weg.’

Volg trainingen bij de gecertificeerde opleiding centra’s van PI Nederland en verzeker u van accurate kennis van PROFIBUS en PROFINET. Bekijk hier de actuele agenda met de aangeboden cursussen.